Bedrijfsopvolging

7 oktober 2010

De minister van financiën heeft in een besluit een aantal goedkeuringen opgenomen voor de toepassing van enkele van vrijstellingen, welke zijn opgenomen in artikel 15, eerste lid, onderdelen b, e, f, h en z, van de WBR.

1. Bedrijfsopvolging; overdracht onderneming en inbreng in BV
De vrijstelling bij bedrijfsopvolging geldt ook voor een verkrijging van een onderneming door een familielid, die wordt gevolgd door de inbreng van die onderneming in een BV, waarvan dit familielid alle aandelen houdt.
De goedkeuring geldt niet wanneer de ondernemer zijn onderneming rechtstreeks overdraagt aan de BV van het familielid.

2. Bedrijfsopvolging; onderneming ingebracht in BV
De vrijstelling bij bedrijfsopvolging is van toepassing bij een gefaseerde bedrijfsopvolging in de volgende situatie. Het familielid verkrijgt de onderneming na ontbinding van een personenvennootschap met de BV waarvan de oorspronkelijke ondernemer de aandelen hield. Vervolgens verkrijgt het familielid de onroerende zaken die al dienstbaar waren aan zijn onderneming.

3. Bedrijfsopvolging; overdracht onderneming en inbreng in personenvennootschap
De vrijstelling bij bedrijfsopvolging kan van toepassing blijven bij een overdracht van een onderneming door een ondernemer aan een familielid, die wordt gevolgd door een inbreng van de onderneming door dit familielid in een personenvennootschap met zijn of haar aanstaande echtgenoot of met een ander familielid van de oorspronkelijke ondernemer.

4. Bedrijfsopvolging; splitsing van een onderneming
De vrijstelling bij bedrijfsopvolging is van toepassing bij de overdracht van een onderneming binnen de familiesfeer, als wel de tot deze onderneming behorende grond maar niet de voor de bedrijfsvoering noodzakelijke opstallen worden overgedragen.

5. Bedrijfsopvolging; verkrijging krachtens erfrecht en vermogensbeding
De vrijstelling bij bedrijfsopvolging is van toepassing als de echtgenote van de overleden ondernemer, naast het onverdeelde aandeel in de onderneming ook de juridische eigendom van het bedrijfspand levert aan een familielid.

6. Bedrijfsopvolging; doorlevering door pachter
De vrijstelling bij bedrijfsopvolging kan worden toegepast als een ondernemer, nadat hij de eigendom heeft verkregen van eerder door hem gepachte onroerende zaken, de eigendom daarvan levert aan een familielid. Deze ‘doorlevering’ kan in dit geval worden aangemerkt als een gefaseerde bedrijfsopvolging.

7. Bedrijfsopvolging; overdracht aan bureau beheer landbouwgronden
De vrijstelling bij bedrijfsopvolging is van toepassing in de volgende situatie. Een ondernemer heeft de tot zijn onderneming behorende landerijen overgedragen aan het bureau beheer landbouwgronden. Vervolgens draagt hij zijn onderneming over aan een familielid. Het bureau beheer landbouwgronden geeft de landerijen in langlopende erfpacht uit aan dat familielid. Voor de verkrijging van het recht van erfpacht van het bureau beheer landbouwgronden geldt dan de vrijstelling bij bedrijfsopvolging.

8. Omzetting onderneming; inbreng economische eigendom
Voor de toepassing van de vrijstelling als bedoeld in artikel 15, eerste lid, onderdeel e, van de WBR kan worden volstaan met de inbreng van de economische eigendom van de onroerende zaken.

9. Interne reorganisatie; wijziging definitie concern

10. Inbreng onroerende zaak behorende tot een werkzaamheid in de zin van artikel 3.92 van de Wet inkomstenbelasting 2001

Voor de precieze verwoordingen en de voorwaarden, verwijzen wij u naar bijgaand besluit

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Uw administratie zelf boeken of compleet uitbesteden

Eersteklas advisering, een gesprekspartner die kritisch met u meedenkt. We werken met een aantal online administratiesystemen, waar u indien gewenst zelf op elk moment kunt inloggen. Zorg dat u op de hoogte bent van uw onderneming.
OFFERTE OPVRAGEN
mail@herafinance.nl

HeRa Finance

linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram